TOP
bij de sigarettenbalie
Column

Column: Bij de sigarettenbalie

Deze content is geblokkeerd. Accepteer cookies om de cookies te bekijken.

Twee keer kreeg ik op een dag stom nieuws te horen.
Ik ging even zitten, liet het op me inwerken en besloot toen dat ik niet bij de pakken neer ging zitten. In plaats daarvan ging ik boodschappen doen en iets gezelligs voor mezelf kopen. Troostshoppen werkt bij mij namelijk altijd…………. zo’n drie minuten.

Onderweg naar de supermarkt viel mijn oog op de etalage van de kantoorboekhandel. Jazeker, je leest het goed. Troostshoppen kan ik ook bij de kantoorboekhandel. Moleskine dagboeken en notitieblokken met tulpen van Jacob Marrel op de kaft bieden mij wel degelijk troost.

Nadat ik een kwartier in de kantoorboekhandel had vertoefd omdat ik niet kon kiezen tussen kleuren, groottes, soorten en merken en maar besloten had, beiden te kopen, ging ik op weg naar de supermarkt.
Ik werkte mijn boodschappenlijstje af, betaalde bij de kassa, liep de winkel uit en zag onderweg naar de uitgang hele leuke glazen potten met bollen van hyacinthen er in. Die moest ik hebben. Had ik overigens al gezegd dat troostshoppen bij mij doorgaans maar zo’n drie minuten werkt?

Ik stond bij de kassa van de sigarettenbalie en wachtte op de cassière. Die voerde namelijk een heel geanimeerd gesprek aan de telefoon.
‘Ze is zo klaar’, prentte ik mezelf in.
Maar dat was ze niet. Het gesprek duurde minstens zes minuten.
Gedurende het gesprek probeerde ik haar blik te vangen, maar dat lukte niet. En dat lag niet aan mijn blikvangkwaliteiten, maar meer aan haar stoïcijnse ik – negeer – iedereen – gewoon – modus.
‘Wat is nou vijf minuten’, vroeg ik mezelf af terwijl ik al zo’n acht keer op mijn horloge had gekeken.

Toen ze klaar was, kwam er net een collega van haar voorbij die op weg naar huis was en nog iets moest pakken vanachter de sigarettenbalie. Daar moest ze natuurlijk ook even mee kletsen.
Aangezien het blikvangen geen effect had gehad en mijn keel nu redelijk gevoelig begon te worden vanwege al het schrapen, probeerde ik het maar met wuiven.
“Ik kom zo. Een seconde”, zei ze en giegelde om een grap die haar collega maakte.
‘Ach ja. Een seconde’, dacht ik. ‘Dat kan er ook nog wel bij’.
Maar een seconde werden er minstens 180 en toen wilde haar collega ook nog een pakje sigaretten afrekenen.

Terwijl ik in mijn hoofd alle boeken die ik las over Mindfulness, van Eckhart Tolle en alle hoofdstukken van Don’t Sweat the Small Stuff voorbij liet komen en mezelf nu echt moest beheersen om niet boos te worden, omdat het natuurlijk echt onzin is om je daar druk over te maken, omdat het verspilde woede is en een negatieve emotie en ga zo maar door, liet de collega terwijl hij wegliep vanachter de balie met een zwiep van zijn rugzak een display met voetbalkaartjes omvallen. Je raadt het al. Dat moest de sigarettenbaliecassière natuurlijk eerst opruimen.

“Staat er wel iemand achter deze kassa”, vroeg een puberjongen met een mutsje op die me ondertussen gezelschap was komen houden.
“Ze is voetbalplaatjes aan het opruimen”, antwoordde ik en ik wees naar de cassière die op haar knieën over de grond gebukt zat.
“Oh ja”, zei de puberjongen.

Het sigarettenbaliemeisje krabbelde overeind, wendde zich tot mij en zei giebelend: “Sorry hoor. Het duurde allemaal even”.
Bijna wilde ik haar vragen wat haar definitie van ‘even’ was, maar ik hield me in. Ik rekende gewoon de pot af en zou dan rustig de supermarkt uitlopen en het hele incident vergeten. Want dat was het. Een incident. Een minuscuul onzinnig incident.

Maar toen ik me omdraaide om weg te lopen, de cassière vroeg ‘wie er nu aan de beurt was’, de puberjongen vroeg ‘of ze prepaid telefoonkaarten had’ en de man in pak die na de puberjongen was aan komen lopen, want ik kon het weten, ik stond er als langste, zei: ‘Ik ben aan de beurt mevrouw, niet hij’ en vervolgens riep dat hij vier pakjes Marlboro wilde, vergat ik alles waar ik daarvoor zo op had lopen hameren.
“Hij was aan de beurt”, zei ik met harde stem terwijl ik naar de puberjongen wees. “Niet u. En ik kan het weten. Want ik stond hier als eerste”.
“Vier pakjes Marlboro”, herhaalde de man in pak en deed of hij mij niet hoorde.
“U hoort me best”, riep ik boos. “Hij is aan de beurt. U hoeft niet voor te dringen. Niemand gaat dood aan een paar minuten langer wachten”.

En zo gebeurde het, dat niet de cassière maar de man in pak de volle laag kreeg. Bofte hij even.
En de puberjongen mocht toch als eerste een prepaid telefoonkaart kopen. Dus die bofte helemaal.

* Deze column verscheen op 20 januari 2009 op mijn vorige blog. Ik lees nog steeds mindfulness boeken en heb ook nog steeds niet volledig onder de knie. 

** Credits foto © AdinaVoicu via Pixabay.

** Vanmiddag komt er nog een Tuesday’s Tip online!

Deze content is geblokkeerd. Accepteer cookies om de cookies te bekijken.

Karen Gregory

Hoofdredactrice en oprichtster van Karenz. / Lifestyle Blogger / woont in de buurt van Arnhem / getrouwd met Mark / moeder van Robin (19-06-2016) / hond Cookie / houdt van schrijven, lezen, koken, schaatsen, yoga & wandelingen door de natuur

«

»

11 COMMENTS
  • Annette
    4 jaar ago

    Ha lekker hoor, soms kan ik me ook niet inhouden. Dan probeer ik tot 10 te tellen (of tot 100) of even Let it Gooooo te zingen maar het lukt gewoon soms ECHT niet 🙂 herkenbaar dus deze situatie.

  • Sophie
    4 jaar ago

    Het voelt zo goed om mindful bezig te zijn, hè! En dat je enige onrust dan toch projecteert op iemand anders is gewoon een creatieve vorm van omdenken 😉

    • Karen
      4 jaar ago
      AUTHOR

      Op een gegeven moment loop ik dan toch over. Haha.

  • Ha, herkenbaar! Leuk om te lezen, ondanks dat het niet ‘nieuw’ is. Ik had het laatst andersom: stond bij de Hema om mijn bestelde taart op te halen. Op zaterdagochtend. Dom natuurlijk, want knetterdruk. 6 wachtenden voor mij, dus bij nummer 7 stap ik naar voren. Staat zo’n ouder echtpaar wat net was komen aanlopen naast mij (met van die gehoorapparaten in, en rollators ook nog): ‘Tja, die brutalen hebben de halve wereld, he?’. Omdat ik zelf op krukken loop en dus niet zo lang kan staan (en ik er toch ook al wel even stond), heb ik ook even ‘vriendelijk’ duidelijk gemaakt dat zij nog LANG niet aan de beurt waren. Toen was mijn mindfulness ook even ver te zoeken (wel vaker trouwens, hihi).

    • Karen
      4 jaar ago
      AUTHOR

      Oh ja, die pinnige bejaarden. Dat herken ik ook. Pfff.

  • Desirée
    4 jaar ago

    Zo herkenbaar, ik ben ook totaal niet geduldig. Dan lijkt dat wel zo aan de buitenkant, maar op een gegeven moment komt het er toch uit :’)

  • sunny mama
    4 jaar ago

    Herkenbaar hoe je jezelf probeert in te prenten dat dit slechts ‘small stuff’ is en hoe dat dan toch niet helemáál lukt! 😉

  • Elaintje
    4 jaar ago

    Oh wat afschuwelijk zo’n caissière! Die hebben alle tijd van de wereld.

  • Wilmaaa
    4 jaar ago

    Haha helemaal waard om nog een keer te plaatsen. Laatst deed ik dat ook nog bij mijn vriendin. Een man drong voor nou daar kan ik echt niet tegen, dus zei. Mijn vriendin stond hier eerst hoor. Ook zou ik in jouw geval waarschijnlijk gezegd hebben, kan ik afrekenen, ik sta hier al ven. Ik vind het heel knap dat je zo geduldig bleef!

    • Karen
      4 jaar ago
      AUTHOR

      Het is al heel lang geleden, maar ik weet het nog heel goed. Vond het ook knap van mezelf, maar het was echt een oefening 🙂

  • Nicole
    4 jaar ago

    Oh dit is zeer herkenbaar! Niet de situatie zelf maar wel dat je heel mindful aan het doen bent en dan een ander je oorspronkelijke woede te pakken heeft..

Wil je meepraten?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt cookies om je de beste ervaring te leveren. Klik op 'Doorgaan' om door te gaan of 'Weigeren' om niet te accepteren.